Nota Bene online

Luctor et emergo

Luctor et Emergo. Zo sloot mijn lieftallig bestuurslid van de JFAS, Doris Buijs, haar kritische advies aan het corps vorig jaar af. De beruchte excessen in de groentijd zouden het einde betekenen voor de Nederlandse corpora. Maar waarvoor dient zo’n groentijd eigenlijk?

Vrijwel elke groep in de geschiedenis een traditie van inwijding. Het christendom kent de doop, de communie, het vormsel, de islam en het jodendom hebben allebei een besnijdenis en oude religies als de Mithrascultus kenden een inwijdingsceremonie in grotten of tempels. Voor beroemde organisaties als de Tempeliers en de Vrijmetselaars vormde het zelfs een belangrijk onderdeel van hun rituelen. Dat men een bepaalde transitie behoort door te maken is niet nieuw. Het is een soort offer om ergens deel van te kunnen uitmaken en men kan zich afvragen of zo’n rite zo slecht is.

Zou het Anne-Lot uit Blaricum nou zo veel kwaad doen om eens een keer niet elke dag te kunnen douchen in een stadsvilla maar ’s ochtends wakker te worden met een rondje modderpoel? Een dagje niet gelijk het woord krijgen van zijn hockeyvriendjes, maar ‘’houd je mond, feut’’, zou Marnix uit Aerdenhout best wel eens goed kunnen doen. 

Bovendien is het idee van zo’n inwijding dat je op een dag wakker wordt en er licht aan het einde van de tunnel verschijnt. Na weken slecht slapen, matig eten en beperkte vrijheid, ben je vrij. Dit voelt niet als een overwinning op je dispuut, maar als een overwinning op jezelf. Een trots, een Expeditie Robinsonachtige kracht, die je uit het diepste van jezelf moet halen.

Een argument dat nog weinig onder de pro-groentijdbetogers te lezen is, is dat een ontgroening een bepaalde drempel vormt. Als vereniging wil je een zekere  exclusiviteit. Dan bedoel ik niet witte, rijke jongeren. Dan bedoel ik een bepaalde groep, die écht bij deze vereniging wil horen. Als serieuze roeivereniging heb je geen zin in mensen die er alleen bij komen omdat ze willen flirten en eens in de drie weken willen roeien. Als rugbyvereniging heb je geen zin in jongens die er louter bij zijn gekomen, omdat ze zijn uitgeloot bij voornoemde roeivereniging. Als grote, maar toch sfeervolle vereniging wil je geen mensen die even een kijkje komen nemen hoe het is om vervolgens na twee maanden af te haken. Daarmee zeg ik niet dat mensen op een Scientology-achtige manier moeten worden gedwongen bij een vereniging te blijven. Daarmee zeg ik dat je er door een ontgroening voor zorgt, dat er vooral mensen komen die écht bij deze groep willen horen in plaats van mensen die even een sneak peek willen in de tradities (wat je daar nu ook van vindt) en feesten van een vereniging (voor een realistisch beeld van een corps verwijs ik naar Michiel van Erps ‘’Niemand in de Stad’’).

Naast voornoemde argumenten, is een groentijd ook leerzaam. Let wel, een klap op je kop krijgen is niet leerzaam. Leren of het ijskast of koelkast is en het stampen van de exacte anagrammen voor de afkorting van je dispuut, neemt geen enkel lid ongelofelijk serieus.  Spreken voor een grote groep enorm kritische toehoorders is daartegen wel leerzaam. Ik vond mijzelf altijd een uitstekende debater, totdat ik tegenover dertig mensen een stelling moest verdedigen die ik amper begreep. Ze joelden me niet uit, maar ze waren me intellectueel de baas. Reflecteren om nog beter te worden, je eigen zelfvertrouwen te ontstijgen.

Bovendien leer je zelden zo veel over jezelf. Wat doet weinig slaap met je, hoe erg kan jij de humor nog van de wereld inzien, wat is jouw breekpunt? Ik klaag niet meer over vijf uur doodstil staan op mijn werk, ik weet dat ik drie uur slaap aan kan en ik weet alleen maar meer waar ik wel en geen waarde aan hecht.

 

Een laatste reden voor de ontgroening die je vaak hoort is het kweken van een groepsgevoel. Veel hoor ik dan: ‘’Ik hoef niet door zeven sloten te gaan, om vrienden te worden met iemand’’. Daar ben ik het helemaal mee eens: de meeste vrienden die ik heb gemaakt, heb ik inderdaad niet in een poeltje ergens in de buurt van Waddinxveen ontmoet. Toch helpt het om samen ergens door heen te gaan en belangrijker nog: elkaar dan samen er doorheen te helpen. Je ziet dit vrijwel bij elke militaire training en blijkbaar zit er dus toch een kern van waarheid in. Toen ik mijn zware teamgenoot bij een zware conditiesessie met vier andere fitte rugbyers over de eindstreep heen schreeuwde, trok en droeg, voelde ik mij sneller verbonden met deze tot dan toe vreemden dan met jongens met wie ik zes jaar in de klas had gezeten. Toen ik tijdens de groentijd al opdrukkend aan mijn jaargenoot vertelde, wat ik haatte en wat ik juist geweldig vond, bereikten wij een zeldzaam moment dat ik met sommige jongens die ik ken van de basisschool nog nooit heb gehad. Zo was het niet het negatieve moment dat het groepsgevoel creëerde, maar krijg je door een negatief moment een positieve belevenis.

Om dit alles te koppelen aan Doris’ betoog tegen dit soort praktijken, vervolg ik met een antwoord op enkele van haar citaten. Als ik ‘’met mijn kop door een sloot heen moet baggeren’’ tijdens een ontgroening, denk ik ook ‘’doe het lekker zelf’’. Maar ik weet ook waarom ik uiteindelijk toch die sloot in ga. Ik weet dat deze pestkopjes ook gewoon redelijke mensen zijn. Als men medische zorg nodig heeft, staat er een geheel nuchter team binnen vijf minuten klaar. Als je naar huis wilt, word je overgehaald dat niet te doen, om vervolgens daarna naar het station met al je spullen te worden geholpen. Ik heb respect voor deze ontgroeners omdat ik weet dat hoe hard ze ook zijn, ze er uiteindelijk op hun grove wijze er toch voor zorgen dat iedereen eet, iedereen aanwezig is en iedereen voldoende slaapt.

Uiteindelijk zie ik de humor en het spel. Ik zie de persiflages op de persiflages van ‘’Feuten’’, de Noordzij die ‘’stelletje kutfeuten’’ roept. Ik grinnik als ‘’Feut Dolberg’’ ‘’stoïcijns’’ moet juichen als Ajax heeft gewonnen. Ik lach als het ‘’feutenleger’’ onaangekondigd dennenappels/granaten werpt in de buurt van Zeelandse voorbijgangers. En ik geniet als ik, omdat ik zo stijf dans, als ‘’Feut Poetin’’ elke dag met mijn twee communistische slaven (andere feuten die zijn aangewezen om ex-KGB’er Poetin te dienen) onder het Sovjet-volkslied de Nederlandse vlag moet hijsen.

Als je dan na weken uit de modder komt gekropen, het vuil van je afspoelt en je das ontvangt. Als de vereniging je na een maand in de armen sluit en je met je nieuwe dispuutsgenoten verhalen ophaalt hoe idioot iedereen was. Dan ben je er. Je worstelde en je kwam boven. Luctor et emergo.

 

 

 


Arthur Salomons; in gesprek met onze onderwijsdirecteur
12dec

Arthur Salomons; in gesprek met onze onderwijsdirecteur

De onderwijsdirecteur. Wie is hij eigenlijk en wat voor invloed heeft de onderwijsdirecteur op het beleid van de faculteit dat studenten...

Predictieve policing
02dec

Predictieve policing

Predictive policing Een computersysteem dat je vertelt waar en wanneer de kans het grootst is dat er een overval, inbraak of...

Reacties

Log in om de reacties te lezen en te plaatsen